Diabetes komt zeer vaak voor bij ouderen. Toch wordt de aandoening niet altijd tijdig vastgesteld of correct behandeld. Bij senioren gaat diabetes bovendien vaak samen met andere ouderdomsaandoeningen, wat het risico op complicaties aanzienlijk verhoogt. Een aangepaste behandeling en regelmatige controle zijn daarom essentieel.
Wij spraken met de heer Joël Berrebi, diëtist en voedingsdeskundige gespecialiseerd in diabetes bij ouderen, over diagnose, opvolging, risico’s en voeding.
Gids van woonzorgcentra in Vlaanderen
Rusthuizen Plus: Hoe wordt getest of iemand diabetes heeft?
Joël Berrebi:
De enige betrouwbare manier om diabetes vast te stellen is via een bloedonderzoek waarbij de waarde van het geglyceerd hemoglobine, of HbA1c, wordt gemeten. Deze waarde geeft het gemiddelde bloedsuikergehalte van de afgelopen drie maanden weer.
Wanneer de HbA1c-waarde tussen 4 en 6 procent ligt, spreken we niet van diabetes. Rond 6 procent spreken we van prediabetes. In dat stadium is het cruciaal om de levensstijl aan te passen, met meer beweging en aangepaste voeding. Na drie maanden wordt opnieuw gecontroleerd.
Bij een HbA1c tussen 6 en 8 procent is er sprake van diabetes en wordt meestal gestart met orale medicatie. Bij waarden boven 8 procent moet er onmiddellijk behandeld worden. In sommige gevallen wordt dan meteen insuline opgestart.
Rusthuizen Plus: Wat is een capillaire meting?
Joël Berrebi:
Een capillaire bloedglucosetest is een zelfmeting waarbij de patiënt via een kleine vingerprik het bloedsuikergehalte meet. Dit gebeurt doorgaans drie tot zes keer per dag. Het resultaat is onmiddellijk zichtbaar.
Deze test dient niet om diabetes te diagnosticeren, maar om de behandeling op te volgen en aan te passen. Ze helpt om hypoglykemie (te lage bloedsuiker) en hyperglykemie (te hoge bloedsuiker) te voorkomen en om te zien hoe voeding of activiteit het glucosegehalte beïnvloeden.
Bij ouderen kan de meting soms vertekend zijn. Bijvoorbeeld wanneer men vergeet dat er kort voordien is gegeten of wanneer het lichaam ’s nachts onvoldoende insuline heeft geproduceerd. Daarom is het belangrijk om meerdere metingen per dag te doen en het geheel te evalueren.
Rusthuizen Plus: Wat moet men doen bij lage waarden?
Joël Berrebi:
Wanneer het glucosegehalte onder 0,7 g/l daalt, spreken we van hypoglykemie. Typische symptomen zijn trillen, zweten, hartkloppingen en gedragsveranderingen. Bij ouderen gebeurt dit vaak wanneer een maaltijd wordt overgeslagen.
In eerste instantie moet men snelle suikers toedienen, zoals een suikerklontje of zoete drank, en de patiënt rustig laten herstellen. Ernstige hypoglykemie kan echter leiden tot een diabetische coma.
Bij vermoeden van een diabetische coma is het belangrijk om te controleren of de persoon bij bewustzijn is en correct kan antwoorden op eenvoudige vragen. Indien de antwoorden samenhangend zijn, kan men voorzichtig snelle suikers toedienen.
Wanneer de persoon niet adequaat reageert, moet onmiddellijk de hulpdiensten worden gecontacteerd via 100 of 112. Geef in dat geval niets te eten of te drinken, omdat dit gevaarlijk kan zijn. Hulpverleners dienen meestal glucagon toe om het bloedsuikergehalte snel te verhogen.
Rusthuizen Plus: Wanneer spreken we van hyperglykemie?
Joël Berrebi:
Hyperglykemie betekent dat er te veel suiker in het bloed aanwezig is. Symptomen zijn extreme dorst, droge mond, vaak plassen, vermoeidheid, hoofdpijn en wazig zicht. Soms treden ook misselijkheid of buikpijn op.
Wanneer de waarden 3 tot 4 g/l bereiken, moet men onmiddellijk medische hulp inschakelen.
Chronische hyperglykemie kan ernstige complicaties veroorzaken, waaronder nierschade (nefropathie), netvliesproblemen (retinopathie), zenuwschade (neuropathie) en verhoogd risico op voetinfecties. Ongeveer 10 procent van de diabetespatiënten loopt risico op amputatie.
Slecht gereguleerde diabetes kan bovendien leiden tot coma, hartproblemen of een beroerte.
Stress mag hierbij niet onderschat worden. Psychologische spanning kan de bloedsuikerwaarden aanzienlijk verhogen.
Rusthuizen Plus: Welke rol speelt voeding?
Joël Berrebi:
Voeding is fundamenteel. Ze speelt een rol in preventie, in stabilisatie van prediabetes en in het beperken van complicaties bij bestaande diabetes.
Drie evenwichtige maaltijden per dag zijn essentieel. Maaltijden overslaan verhoogt het risico op hypoglykemie. Indien nodig kan een gezond tussendoortje worden genomen, minstens twee uur na de maaltijd.
Het voedingspatroon moet gevarieerd zijn en bestaan uit groenten, beperkte fruitinname (maximaal één stuk per dag), zuivel, eiwitten uit dierlijke en plantaardige bronnen, volkorenproducten en vezelrijke voeding zoals koolsoorten. Noten en zaden zijn goede aanvullingen.
Zoetigheden, vruchtensappen en suikervervangers moeten beperkt worden. Het bord kan idealiter als volgt worden ingedeeld: de helft groenten, een kwart eiwitten en een kwart koolhydraten.
Omdat veel diabetespatiënten ook een verhoogd cholesterol hebben, is het belangrijk om verzadigde vetten en transvetten te vermijden. Kies bij voorkeur voor gezonde vetten en transvetvrije producten. Ook natriumrijke voeding zoals vleeswaren moet worden beperkt.
Individuele begeleiding door een diëtist is sterk aanbevolen om voeding af te stemmen op medicatie en eventuele bijkomende aandoeningen.
Een goede opvolging betekent regelmatige capillaire metingen én controle van de HbA1c-waarde. Alleen zo kunnen complicaties worden voorkomen en kan de behandeling tijdig worden aangepast.
Met het ouder worden neemt de insulinegevoeligheid af en komen bijkomende aandoeningen vaker voor, wat het risico op diabetes verhoogt.
Een HbA1c tussen 4 en 6 procent wordt als normaal beschouwd. Vanaf 6 procent spreken we van verhoogd risico of diabetes.
Nierschade, zenuwschade, oogproblemen, amputaties, beroerte en hartproblemen behoren tot de belangrijkste complicaties.
Absoluut. Een aangepaste voeding helpt bloedsuikerschommelingen te beperken en vermindert het risico op ernstige complicaties.
Rusthuizen Plus biedt gratis en persoonlijk advies om u te helpen een woonzorgcentrum te vinden dat past bij uw zorgbehoeften, budget en gewenste locatie in Vlaanderen.
Bel ons op 03 386 10 97 en ontvang vandaag nog begeleiding van onze experts.
Verklaring Franse gegevensbeschermingsautoriteit (CNIL) nr. 141035
Laatste berichten
OP zoek naar een woonzorg voor uw familielid?
Beschikbaarheid en prijzen opvragen
Vul dit formulier in en ontvang
alle informatie die je nodig hebt
Wij informeren u over het bestaan van de bel-me-niet-lijst.
Vind woonzorg voor ouderen